Het gaat niet goed met de oorlog in Afghanistan en daarom botert het ook niet meer zo lekker tussen de lidstaten van het Transatlantische bondgenootschap NATO. Het ambitieuze „project Afghanistan“, een door de VN-veiligheidsraad goedgekeurde missie om de oost-corridor van het energierijke Kaspische Zeegebied te beveiligen (hoewel uitgelegd als een Amerikaane wraakreactie na de aanslagen van 11 september 2001 en later als een zogenaamde „opbouwmissie“) is verworden tot een slijtageslag tussen een hypermoderne, maar ingegraven westerse legermacht en een populaire opstand. Na zes jaar strijd heeft de „bezettingsmacht“ en de door de Amerikanen aangestelde Afghaanse regering ongeveer alle sympathie onder de bevolking verloren. Van de zogenaamde „strategie“ van de NATO is weinig meer over. Een inefficiënte eilandjescultuur gepaard met „Koude Oorlog denken“ en onvermogen om de Afghaanse cultuur te begrijpen. Laat staan een guerilla-oorlog te vechten. Uit pure frustratie gaan de Amerikanen nu extra 3000 geharde mariniers naar Afghanistan sturen. En Canada smeert hem in 2009 als er niet meer troepen uit Europa komen.
De missie in Afghanistan is een soort slechte slapstick. Een „opbouwmissie“ al weet niemand wat er nu precies wordt opgebouwd. Afghanen worden door Italianen (!!) de fijne kneepjes van rechtspraak bijgebracht, terwijl het land een rijke traditie heeft van stamrechtspraak. Het verbouwen van „poppies“, de grondstof voor heroine, moet worden tegengegaan maar jaar na jaar wordt er onder toeziend oog van de NATO recordoogst na recordoogst binnengehaald. De „Taliban“, de verzamelnaam voor de opstandige Pasthun stammen controleren al jaren het zuiden van het land, terwijl in het noorden de Hazari en Oezbeekse „warlords“ de scepter zwaaien. Evenals in de regering van president Karzai, de immer wankele Afghaanse president of beter gezegd, stadhouder, want zijn regeringsmacht reikt niet veel verder dan de hoofdstad Kaboel. Eigenlijk is de situatie in het land hetzelfde als midden jaren negentig, toen de ethnische burgeroorlog tussen de Pasthun en de overige ethnische groepen, verzameld in de „Noordelijke Alliantie“ woekerde. Belangrijk bondgenoten in de oorlog, als Iran, Rusland en Pakistan, worden door Amerikaanse en Europeese geopolitiek en propaganda steeds minder enthousiast voor de oorlog. Ondertussen sterft de Afghaanse bevolking van honger en kou. Kortom: ongeveer alles wat mis kan gaan, gaat ook mis.
De Amerikaanse frustratie over de voortgang van de oorlog kwam een aantal weken geleden tot uitbarsting bij monde van de Amerikaanse minister van defensie Robert Gates. Gates verweet de NATO-landen „Koude Oorlog“ mentaliteit en slecht toegerust te zijn voor het vechten van een guerilla-oorlog. De kritiek volgende na de „mislukte“ NATO-top in Noordwijk, waar met pijn en moeite extra troepen en verlening van missies werden losgeweekt bij onwillige NATO-partners. Slechts de voorspelbare „sukkels“ als Nederland verlengden hun missie zonder veel tegenstribbelen.
Hoewel naar aanleiding van de uitlatingen van Gates de Amerikaanse ambassadeur nog even door Balkenende op het matje werd geroepen, bleef de Amerikaanse sneer zonder veel gevolgen. Maar de toon binnen de NATO is gezet. Het immer gesloten bondgenootschap blijkt niet zo eendrachtig als altijd aangenomen.
Volgende in de lijst van „critici“ is Canada, het land dat naar verhouding de meeste manschappen in lijkzakken thuis ziet komen. In Canada wordt wel serieus onderzoek gedaan naar de oorlog en de voortgang. In een vernietigend rapport, al in 2007 bekend, wordt aangegeven dat de situatie in Afghanistan met de bestaande inzet hopeloos is. Voor trouw bondgenoot Canada lijkt de maat nu ook vol: of er komen meer troepen of de Canadezen trekken hun conclusies en verlaten Afghanistan in 2009.
De „Great Game“ in Afghanistan (en Pakistan) is nog lang niet uitgespeeld. Maar de inzet lijkt opeens verhoogd. Niets minder dan het voortbestaan van het NATO-bondgenootschap staat op spel.

De hersengarage van Zapruder Inc.
Walvisvet als biobrandstof
Verslaafd aan Russisch aardgas
De les van Libië
Europa geeft Iran schot voor de boeg (en in eigen voet)