Het HIV is een besmettelijk en sexueel overdraagbaar virus dat AIDS veroorzaakt. Dat is het verhaal dat iedereen altijd hoort. Voor het vaststellen van eventuele besmetting worden HIV-testen uitgevoerd. Een patient wiens bloed positief reageert op een dergelijke test is seropositief en kan ervan uit gaan dat zijn leven snel heel erg vervelend zal worden. Niet eens vanwege intredende AIDS, eerder door de dodelijke bijwerkingen van de AIDS-remmers die dan worden voorgeschreven. En vanwege de maatschappelijke stigmatisatie van het seropositief zijn. Een test dus op leven en dood, letterlijk. Maar is het wel een betrouwbare test? Zijn seropositieve mensen überhaupt wel ziek? Wat wordt er getest?
Een seropositieve uitslag betekent dat het immuunsysteem van de geteste persoon antilichamen heeft aangemaakt tegen proteines waarvan iedereen op goed geloof heeft aanvaard dat ze van het HIV afkomstig zijn. In een volgend artikel laten we zien dat die aanname onterecht is en dat niemand, absoluut niemand, kan weten waaraan HIV (als het al bestaat) herkend kan worden. HIV is nog nooit zorgvuldig geisoleerd en bestudeerd en zodoende zijn de exacte genetische kenmerken -nodig om het te kunnen herkennen- onbekend. Geen enkele fabrikant heeft zijn tests ooit kunnen ijken aan de detectie van het daadwerkelijke virus in iemands bloed, in andere woorden: de voor de ontwikkeling van betrouwbare tests absoluut noodzakelijke ‘gouden standaard’ is niet beschikbaar voor HIV. Wellicht daarom ook dat de fabrikanten van de verschillende HIV-testkits deze leveren met veelzeggende kleine lettertjes:
“ELISA testing alone cannot be used to diagnose AIDS.” (Abbott 1997)
“Do not use this [Western Blot test, red.] kit as the sole basis for HIV infection.” (Epitope 1997).
“The amplicor HIV-1 monitor [PCR, red.] test is not intended to be used as a screening test for HIV, nor as a diagnostic test to confirm the presence of HIV infection.” (Roche 1996).

In feite zou het verhaal nu kunnen stoppen. Geen gouden standaard, geen betrouwbare test. Punt. Maar laten we toch nog eens verder kijken. Laten we gewoon doen alsof al die wetenschappers die claimen de genetica van HIV te kennen gelijk hebben. Dan verandert er niets, want zélfs als we even vergeten dat door het ontbreken van die ‘gouden standaard’ alle huidige HIV-testen zinloos zijn, zélfs als we dus even doen alsof de testen inderdaad HIV kunnen aantonen, zijn alle momenteel bekende HIV-tests in meer of mindere mate onbetrouwbaar. De uitslagen van de verschillende soorten tests op hetzelfde bloedmonster kunnen verschillen. Een bloedmonster dat een seropositieve uitslag op de éne test veroorzaakt, kan een seronegatieve uitslag op de andere test geven. Iemand kan bijvoorbeeld een enorm hoge ‘viral load’ (>100.000) hebben op de zogenaamde PCR-test en toch met de Western Blot of ELISA test seronegatief testen. 20% tot 40% van de bloedmonsters die seronegatief reageren op een ELISA test zijn volgens een Western Blot test onbepaald. Daarom dat in veel landen, waaronder Nederland, een combinatie van tests wordt gebruikt voor de einduitslag. Het combineren van verschillende onbetrouwbare tests, maakt het gecombineerde resultaat echter nog steeds niet betrouwbaar.
HIV-tests zijn niet volledig reproduceerbaar en de specifieke proteine-reacties (niet per se de totaaluitslag) van dezelfde bloedmonsters van een Western Blot test kunnen verschillen van laboratium tot laboratorium. De ELISA test kan onder bepaalde (niet voorgeschreven, maar wel opvallende) situaties zelfs in 100% van alle gevallen een seropositieve uitslag geven. Komen we zo op terug.
Dat AIDS-onderzoekers zelf ook niet helemaal overtuigd zijn van de betrouwbaarheid van de individuele testen blijkt uit het feit dat de procedures per land verschillen. Soms ben je al een AIDS patient als de ELISA test een positieve uitslag heeft gegeven (de de-facto situatie in de US), soms is het voldoende dat een arts een ‘educated guess’ heeft gedaan op basis van zichtbare symptomen (de Benqui-definitie van AIDS waarmee de meeste seropositieve Afrikanen hun AIDS-diagnose kregen toegewezen). Als de testen zo betrouwbaar zijn als de AIDS-onderzoekers willen doen geloven, zou dat niet nodig zijn. Maar kennelijk is er in eigen gelederen ook twijfel.
Er is nog meer mis met de testen: valse positieven. Er bestaan vele condities in een gezond of ‘ normaal’ menselijk lichaam die de tests valse positieve uitslagen laat genereren, zoals zwangerschappen en bepaalde auto-immuunreacties. Er bestaan ook vele ziektes (malaria, tuberculose) en aandoeningen in een niet-AIDS-patient die de tests valse positieve uitslagen laat genereren. Pasgeboren kinderen van moeders die seropositief testen, testen aanvankelijk zelf ook seropositief maar in de meeste gevallen verdwijnt dat binnen 18 maanden vanzelf. Een HIV-test doen als je net een flinke griep of infectie hebt gehad is bloedlink, je test misschien wel positief terwijl er helemaal niets aan de hand hoeft te zijn.
■ http://www.virusmyth.net/aids/data/cjtestfp.htm
Tenslotte is er iets mis in de logica achter de HIV-tests. Een HIV-test zoals de ELISA en de Western Blot detecteert de aanwezigheid van antilichamen in het bloed. Normaal gesproken (met de meeste andere virussen) is dat in een patient zonder ziekteverschijnselen een teken dat een immuunsysteem gezond is en de infectie (in dit geval HIV) succesvol heeft aangevallen. Deze antilichamen blijven nog enige tijd nadat de infectie is verslagen aanwezig in het bloed. In het geval van HIV wordt een vergrote hoeveelheid antilichamen toegeschreven aan de aanwezigheid van het HIV. Dit gaat regelrecht in tegen de ervaringsfeiten van de immunologie: Antilichamen wijzen er juist op dat de indringer (in dit geval het veronderstelde HIV dus) verslagen is, en dat immuniteit is verkregen. Er wordt dan ook in het bloed geen enkel virusdeeltje gevonden. Men tracht dit te verklaren door aan te nemen dat HIV de CD4 T-cellen infecteert en zich daar schuil houdt. Maar dit gaat weer dwars tegen de wetten van de virologie in. Bij een virus-infectie vermeerdert het virus zich sterk op zeer korte termijn, zodat er kort na de infectie een explosie van nieuwe virusdeeltjes plaatsvindt. Zoals gezegd, is hiervan niets aantoonbaar. En het idee dat een virus dat tot de betrekkelijk simpele groep van de retrovirussen behoort zich 10 jaar lang kan verschuilen in cellen, om daarna alsog een ernstige ziekte te veroorzaken is ronduit lachwekkend.
Eén van de veelgebruikte HIV-tests is de Western Blot test. De Western Blot-test meet antilichamen, niet het virus zelf. De antilichamen zijn de reactie van het lichaam op de aanwezigheid van de consensus-proteines waarvan AIDS-wetenschappers beweren dat ze van het HIV afkomstig zijn. Deze consensus-proteines zijn gespecificeerd door dr. Gallo, een bewezen fraudeur en oplichter. Nou sluit het feit dat deze dr. Gallo eerlijkheid niet hoog in het vaandel heeft staan niet uit dat hij de juiste proteines kan aanwijzen, maar het feit dat hij zijn stellingen nooit heeft bewezen, is veelzeggend.
Zoals gezegd zal 20% tot 40% van ieder van ons een niet-seronegatieve (onbepaald of seropositief) uitslag geven, ofwel, circa een kwart van alle gezonde mensen heeft volgens deze test iets in zijn bloed waarvan wordt aangenomen dat het alleen in het bloed van AIDS-patienten voorkomt.
■ http://www.virusmyth.net/aids/data/epwbtest.htm
Een andere veelgebruikte HIV-tests is de ELISA-test. De ELISA-test meet, net als de Western Blot-test, antilichamen, niet het virus zelf. De ELISA-test werkt zoals veel andere antilichaam-tests, echter in tegenstelling tot de andere tests (zoals die op Hepatitus) moet het bloedmonster (het serum) extreem (1:400) worden verdund met een speciaal door de fabrikant geleverd verdunningsmiddel. Verdunnen heeft tot gevolg dat er minder van de deeltjes waarnaar gezocht wordt, aanwezig zullen zijn en het is misschien wel de enige reden dat de test nog enige specificiteit heeft. Wanneer de test namelijk wordt gedaan op onverdund bloed, blijkt ieder mens positief te testen. De test reageert dus kennelijk op iets dat elk mens in zijn bloed heeft maar na voldoende verdunning nog maar bij een gering aantal is terug te vinden. En dat kan onmogelijk HIV zijn. De arts die dit ontdekte kon zijn bevindingen niet gepubliceerd krijgen in enig ge-peer-reviewed wetenschappelijk blad noch heeft iemand geprobeerd de test te herhalen terwijl het aanwijzingen zijn dat er iets compleet mis is met de test. In zijn eigen laboratorium kan deze Dr. Giraldo de tests gewoon herhalen en bleek ook zijn eigen bloed op die manier seropositief.
■ http://www.virusmyth.net/aids/data/rgelisa.htm
PCR meet zogenaamde viral-load (virus-lading) maar doet dit niet door het complete virus te meten. Viral-load is is een maat voor de aanwezigheid van kleine [RNA] fragmenten van [de consensus-genoom van] HIV. PCR meet nooit het virus zelf, slechts de aanwezigheid van bepaalde delen die uniek voor het virus zouden moeten zijn. Omdat het werkelijke virus nog nooit door iemand is gevonden en niemand weet hoe de genoom (zeg in dit geval maar: vingerafdruk) er werkelijk uitziet, hebben wetenschappers afgesproken dat de aanwezigheid van dat specifieke fragment gelijkstaat aan de aanwezigheid van het hele virus. Over PCR kunnen we kort zijn. Het zijn veronderstellingen, geen feiten die de uitslag van de test zijn waarde geven. De uitvinder van de PCR-methode, Kary Mullis (die er een Nobleprijs chemie mee won), zegt dat ‘viral load’ en elke andere kwantitatieve toepassing van PCR betekenisloos is. Toch zien AIDS-onderzoekers dit als hun meest betrouwbare HIV test en gebruiken ze deze viral load ook om de successen van AIDS-remmers mee aan te tonen en de behandeling van patienten mee te sturen. Kary Mullis is trouwens ook niet overtuigd van het bestaan van HIV noch van enige relatie ervan tot AIDS.
Op deze test komen we terug, deze test is om minstens 10 belangrijke punten onbruikbaar in AIDS-onderzoek of -tests.
■ http://www.virusmyth.net/aids/data/chjtests5.htm
Van HIV wordt gezegd dat het besmettelijk en sexueel overdraagbaar is en er wordt vaak bericht over mensen die dan zogenaamd besmet zouden zijn geraakt. Door bloedtransfusie, door sex, door een vieze naald. Nog los van het feit of dit waar is of niet (ontvangende anale sex en bloedtransfusies staan bekend om het produceren van valse negatieven in HIV-tests), is het heel erg belangrijk te realiseren dat de ‘ officiele’ documenten een positieve reactie op een HIV-test beschouwen als HIV-besmetting en seropositieve mensen meteen al AIDS-patienten worden genoemd. Onder besmet raken wordt dan automatisch verstaan het besmet raken met HIV (ofwel AIDS). Dit is incorrect, zelfs volgens de officiele theorieen kan onder besmetting alleen maar worden verstaan de veroorzaking van de seropositieve reactie op een HIV-test bij een ander. En dat is geen AIDS noch een bewijs voor HIV-besmetting. Of er daadwerkelijk iets wordt doorgegeven en of datgene dat met tests wordt gedetecteerd ook echt verantwoordelijk is voor AIDS, is nog nooit bewezen. Iemand die seropositief test is niet ziek en hoeft dat ook nooit te worden, tenminste niet door een zogenaamde HIV-besmetting. In onze werkgroep komen AIDS-patienten voor die al jaren kerngezond zijn. Er zijn onderzoeken gedaan naar samenlevende en sexhebbende paren waarvan één partner seropositief is en er trad nooit besmetting op. Vergelijkbare testresultaten zijn er voor (para-)medici die zich prikken aan naalden, er zijn slechts 2 of 3 gevallen van veronderstelde seroconversie bekend op miljoenen prikincidenten elk jaar en die paar gevallen zijn erg onduidelijk gedocumenteerd en dus twijfelachtig.
Algemene wetenschappelijke onderbouwing van dit artikel:
■ http://www.reviewingaids.org/awiki/index.php/Document:Questions_on_HIV_Tests
■ http://www.virusmyth.net/aids/data/mitests.htm
(Hoewel veel artikelen een paar jaar oud zijn, is dit nog steeds de stand van zaken, dit bleek uit een recente reactie van de wetenschappers achter rethinkingaids.com op dr. Gallo, ‘s wereld meest vooraanstaande AIDS-’expert’ )
* (Postulate one) Most people are diagnosed HIV-positive based solely on antibody tests. Since antibodies persist long after a pathogen has gone, they cannot be accepted as evidence of the presence of HIV. Furthermore, antibody tests are prone to false positive reactions. Many people are now subjected to ‘Viral Load’ tests, but these do not amplify the entire HIV genome, but only a tiny fraction of it. They are even more prone to false positive results due to the extremely high sensitivity. Problems with all forms of HIV testing are well documented at rethinkaids.com/quotes/test.html.
De hersengarage van Zapruder Inc.
Verslaafd aan Russisch aardgas
De les van Libië
Europa geeft Iran schot voor de boeg (en in eigen voet)
Tamiflu(tm) toch geen wondermiddel