Het concept van een alom aanwezig ‘veld’ is al zo oud als de spirituele gevoelens van de mens. Het concept komt ook in vrijwel alle religies, spirituele systemen en alle tijden voor. Zelfs in de moderne natuurkunde is plaats voor alomaanwezige velden. De nulpuntvelden maar ook ‘ether’, een concept dat door Einstein al werd genoemd en recentelijk weer wordt afgestoft door enkele wetenschappers. Star Wars-fans, kennen natuurlijk ‘the Force’. Hét instrument van de Jedi-meesters.
Traditioneel is wetenschap nogal huiverig voor dit soort theorieën, niet in de laatste plaats vanwege de verreikende complicaties die de acceptatie van zo’n veld met zich mee brengt. Dan moet er een hoop van hun eerdere werk op de schop en zeker als je als wetenschapper de wat ouderwets wordende mechanistische stroming aanhangt, is een alomaanwezige intelligentie wat bedreigend, om het zachtjes uit te drukken.
Maargoed, zo’n veld kan meer verklaren dan de gezamenlijke wetenschap tot nu toe kon. Eén van de ‘leukste’ en elegantste veldtheorieen is die van de morphogenetische velden. Deze theorie kan grotere gevolgen hebben voor moderne wetenschap dan welke theorie van Einstein dan ook. Niet verwonderlijk dat wetenschap de theorie het liefst belachelijk maakt. Vooral biologen en evolutionisten, dat zijn van die ouderwetse oorzaak-gevolg-denkers. Getuige het religieuze fanatisme waarmee ze hun incomplete evolutietheorie aanhangen.
Morphogenetische velden beschrijven, zoals de naam al zegt, de vorm die dingen kunnen aannemen. Levende dingen, dode dingen, kristallen, organen, cellen, alles, zelfs op een bepaalde manier gedachten en ideeen. Het zijn alomaanwezige, vormende velden die informatie opslaan en in tijd accumuleren. Net zo reëel en alomaanwezig als electromagnetische velden. De velden evolueren dus zelf ook. Elke keer dat er een nieuw ding ontwikkelt / vormt, wordt de benodigde vormende informatie uit dat veld gehaald en tegelijkertijd dat veld versterkt. Elke vorm heeft zijn eigen veld, zijn M-veld. Deze M-velden slaan dus ook gewoonten op. Hoe vaker een bepaald veld is gebruikt, hoe gemakkelijker dat veld de volgende keer weer zal inistantieren. Eenmaal op een bepaalde manier ‘gevormd geraakt’, is het veld voor die vorm sterker dan daarvoor en zullen nieuwe, vergelijkbare vormen gemakkelijker ontstaan. Wanneer een bepaald kristal of bepaalde moleculaire verbinding zich eenmaal na veel moeizame experimenten uiteindelijk toch heeft gevormd, zal het door andere laboratoria over de hele wereld, die het experiement tot dusver zonder succes aan het uitvoeren waren, ook kunnen worden gemaakt, terwijl dat daarvoor nog niet mogelijk was. De eerste keer werd er een zwak M-veld gevormd wat alle opeenvolgende vormingen gemakkelijker maakte.
Het juiste M-veld wordt geselecteerd door zogenaamde morphische resonantie. Elke soort vorm heeft zijn eigen morphische resonantie. Nieuwe vorming, van een nieuw organisme of ding put dus bij zijn vorming selectief uit de morphogenetisch velden. Daarbij raakt morphogenetica direct aan evolutietheorie. Het kan niet worden ontkend dat de gangbare evolutieprincipes in ieder geval op een bepaald niveau van abstractie kunnen worden waargenomen in de natuur, maar het is ook niet te ontkennen dat nog lang niet alles is verklaard en dat er voldoende fenomenen overblijven om op delen te twijfelen aan huidige theorieen. Het is een bekend gegeven dat moderne wetenschap nog geen antwoord heeft gevonden op de vraag hoe een nieuw levend organisme zich vormt van een bevruchte eicel tot een compleet organisme. Deze informatie is niet opgeslagen in het DNA van het organisme. DNA bevat geen celdifferentierende informatie. De complete vorm is veel complexer dan het originerende DNA kan beschrijven. Ergens móet dus externe informatie worden toegevoegd die ervoor zorgt dat de delende cellen begrijpen hoe ze zich als groep moeten gaan organiseren. Deze erfelijke en vormende informatie zou zich in het morphogenetische veld bevinden. Níet het DNA. De theorie hierachter is fascinerend en wordt vooralsnog, voor zover ik kon overzien (ik ben geen bioloog), niet tegengesproken door waarneembare verschijnselen. Het DNA zoukunnen worden gezien als een ontvanger, die met precies de juiste morphische resonantie afstemt op precies dat deel van het veld dat zijn informatie bevat. Elke cel krijgt uit het veld zijn individuele instructies en in het veld is wél opgeslagen hoe de gezamenlijk cellen zich moeten organiseren.
Niet alleen vormende instructies ook schijnbaar overerfd gedrag komt uit het veld. Want dat is een ander mankement in de huidige theorieen: vanuit erfelijkheidsleer kan niet worden verklaard dat veel organismen gedrag overerven. En dan wordt daarmee niet bedoeld gedrag dat vanuit anatomische bouw vanzelf volgt (een vis zal vanzelf gaan zwemmen, niet rennen), maar gedrag gebaseerd op een leerproces. Het is bekend dat ratten leerinformatie overnemen van eerdere generaties zonder dat ze zelf hetzelfde leerproces hoefden te doorlopen. Na twintig generaties oefenen konden ratten een bepaald doolhof veel sneller doorlopen, zelfs zonder oefenen, dan de eerdere generaties. Andere ratten op andere plekken op de wereld konden dat ook ineens. Ook zonder te oefenen en zonder contact te hebben gehad met de oorspronkelijk ratten. Kennelijk liet elke leerervaring een M-veld achter waaruit volgende generaties en andere soortgenoten konden putten. Kleine spinnetjes die nog nooit hun moeder hebben gezien weten wel precies hoe ze een complex web moeten spinnen. Niemand had ze dat ooit geleerd. Kennelijk zijn hun kleine neuromotorische systeempjes al voorgeprogrammeerd. Hoe dit vanuit DNA moet gebeuren is onduidelijk maar morphogenetica geeft als oplossingen dat hun hersenen of neuromotorische structuren zijn afgestemd op een deel van het veld waarin ze die informnatie kunnen vinden. Onze herinneringen zouden zich dan ook niet in onze hersenen bevinden, maar in het morphogenetische veld. Onze hersenen zijn slechts zenders / ontvangers naar de daadwerkelijk informatie in het veld dat wij dus zelf ook uitbreiden door herinneringen er in op te slaan.
De morphogenetisch velden vormen ook een collectief bewustzijn. Dit concept is al heel erg lang bij ons is de vorm van de Akasha-kronieken: de wereldziel, het collectieve onderbewustzijn, de complete opslag van al onze gedachten, emoties en gebeurenissen tot aan de dag van vandaag. In principe heeft iedereen toegang tot deze Akasha-kronieken, een beetje zoals je met de juiste morphische resonantie kan afstemmen op een bepaald deel van de morphogenetische velden. Hoe de twee concepten precies over elkaar passen is mij wat onduidelijk, morphogenetica lijkt mij echter een meer omvattendere theorie te zijn waarin ook de Akasha-kronieken en veel andere van deze theorieën zijn te passen, denk aan de Odische velden en de Chi-velden. In het algemeen hebben dit soort veldtheorieen vaak zoveel overeenkomsten dat ik persoonlijk de morphogenetische velden een beetje ben gaan zien als de unificerende veldtheorie, waarbij ik een klein beetje afwijk van de ‘officiele’ theorie zoals die uiteindelijk door Rupert Sheldrake het meest nauwkeurig is uitgewerkt. Iedereen moet maar voor zichzelf uitmaken of en hoe hij dat doet, er blijven genoeg verschillen om elke theorie ook op zichzelf te blijven bestuderen en zolang de morphogenetische velden nog niet wetenschappelijk zijn vastgelegd, is er ruimte voor interpretatie. Sterker nog, het feit dat mensen er in verschillende varianten over nadenken vult het morphogenetisch veld dat juist de theorie zelf vormt via ons collectieve deel in het veld. Ofwel, het denken er over op zich, helpt het gezamenlijk uitontwikkelen van de theorie. Geen gedachte is meer onzinnig, elke gedachte vult een specifiek deel van het collectieve bewust waar dan weer een ander uit kan putten. Bewust of onbewust.
Morphogenetica is geen wetenschappelijke theorie. Er zijn geen ge-peer-reviewde documenten die de theorie bewijzen en de theorie is niet ontstaan volgens wetenschappelijk methode. Daarvoor is de theorie veel te creatief en veelalomvattend. Dat wil niet zeggen dat het onzin is, dat wil alleen maar zeggen dat moderne wetenschap de theorie nog niet heeft kunnen onderbouwen. Misschien kan dat ook niet. Helemaal onzin kan het nooit zijn, daarvoor is het allemaal veel te herkenbaar. Morphogenetische velden zijn alleen daarom al gewoon leuk om in te geloven. Ze brengen een hoop zaken samen. Vooral ook aan parapsychologisch kant, misschien ook een reden dat veel serieuze wetenschapper de theorie mijden. Het kan namelijk zo maar zijn dat de gedachten en herinneringen van meerdere mensen elkaar overlappen in het veld. Zowel in tijd (reincarnatie) als in ruimte (gedachtenlezen). De velden zijn ook sterk religieus in de vorm van zingeving. Ze geven immers elke gedachte die je hebt zin, of je nou alleen op een eiland zit en nooit meer iets van je leven kan maken, of in een groep druk bezig met bidden. Niets van wat je denkt gaat ooit verloren. De velden kunnen ook dienen als metafoor, als hulpmiddel om andere meer concretere theorieen uit te werken. Kortom, coole stuff, doe ermee wat je wilt… Feel the force Luke, the force is with you…
De hersengarage van Zapruder Inc.
Walvisvet als biobrandstof
Verslaafd aan Russisch aardgas
De les van Libië
Europa geeft Iran schot voor de boeg (en in eigen voet)