Er zijn twee zaken waarmee de burgers van de rijke landen in wereld onder controle worden gehouden: angst en consumptie. Angst is er in allerlei vormen van oorlog, terreur en ziekte – al dan niet met behulp van gefingeerde bedreigingen. Consumptie geeft verstrooiing en zorgt ervoor dat men zich tijdelijk in een staat van veiligheid voelt. De angstmiddelen komen in een doorlopende cyclus telkens weer terug: globale crises in de vorm van een tekort aan olie of krediet, levensbedreigende oorlogen die zelfs met een overzees front slachtoffers eisen van de eigen bevolking, tot aan het terreurspook dat men 10 jaar geleden in alle hevigheid op ons los liet met als voorlopige hoogtepunt 9/11. Sinds kort heeft men een paar vagere angstbeelden toegevoegd aan het geheel zoals recentelijk de klimaatcrisis en de pandemieterreur. Het lijkt alsof men de grip op de mensen wil verstevigen en de reëlere angstbeelden zoals oorlog en honger lijken niet genoeg te zijn. De mensen stompen af en hebben telkens weer nieuwe angstimpulsen nodig om verlamd te blijven. En om de angst en treurnis weg te nemen is er één ding wat we het liefst doen: consumeren.
Zowel angst als consumptie worden beide gepushed middels zorgvuldig uitgewerkte propaganda waarvoor de massamedia het uitgelezen medium is. Angst is nodig om de bevolking in een staat van alertheid te houden en waarbij men uitkijkt naar de overheid en haar instanties om onze veiligheid te waarborgen. Zolang de angst maar voelbaar genoeg is, zullen de meesten zich niet druk maken om de realiteitswaarde van deze angstbeelden en zich vooral richten op instanties die hun veiligheid zeggen te waarborgen. Dat is de voornaamste reden waarom de overheid weg komt met steeds meer privacybeperkende maatregelen zoals biometrische databases, cameratoezicht en cyberpolitie. Echter, the powers that be zien ook in dat alleen angst op den duur averechts werkt en slecht voor de economie is en dus wordt overconsumptie tegelijkertijd sterk aangemoedigd. Dit mes snijdt aan twee kanten: het is goed voor de economie (en de belastinginkomsten) en geeft de mensen een vals gevoel van vrijheid; belangrijker nog, het zorgt er tevens voor dat men niet teveel vervelende vragen gaat stellen over het reilen en zeilen van de overheid en de grote multinationals. Dus, in plaats van dat men zich druk gaat maken over de reguleringen die opgehangen worden aan de vage Codex Alimentarius, de onzinbelastingen die geheven worden in naam van de klimaatcrisis of wie er nu echt geholpen wordt met het pushen van al die griepvaccins, maakt de gemiddelde burger zich druk over hoe hij straks die full HD plasma met mediacenterentertainmentfapinstallatie gaat afbetalen.
De burger is verworden tot consument en zo veel makkelijker in toom te houden.
Binnen de marketing en p.r. is er een term die de Grün (Gruen) Transfer wordt genoemd: dit is het moment nadat een consument een winkelcentrum binnengelopen is en zijn ogen letterlijk glazig worden en zijn onderkaak naar beneden zakt. Op dit moment is hij vergeten waarvoor hij in eerste instantie kwam en staat hij open voor impulsaankopen. Hij is op dat moment overgeleverd aan de reclame en slimme inrichting van het winkelcentrum die erop ontworpen is hem aan zoveel mogelijke koopstimuli bloot te stellen. Deze staat van bewustzijn is genoemd naar de Oostenrijkse architect Victor Grün die het eerste winkelcentrum ontworpen heeft. Hoewel hij niet deze staat van verdwazing en manipulatie in zin had worden winkelcentra tegenwoordig wel degelijk zo ontworpen dat de consument gedesoriënteerd raakt wanneer hij binnen het winkelcentrum is. Door te spelen met de lay-out, kleuren, geuren en het wegnemen van de notie van tijd (door daglicht te filteren of zelfs compleet weg te nemen) raakt de consument gedesoriënteerd en is hij overgeleverd aan de collectieve marketing van de winkels. Zelden zag ik dit concept beter uitgewerkt dan bij het enorme themahotel The Venetian in Las Vegas, waar de lay-out en routing van het enorme (nep-)Venetiaanse stadscentrum zo uitgekiend was, dat je telkens weer uitkwam bij het casino van het hotel. Het nagemaakte daglicht zorgt ervoor dat je compleet gedesoriënteerd raakt en iedere notie van tijd verliest. Vele miljarden worden jaarlijks geïnvesteerd in de wetenschap die deze soort van consumentenmanipulatie bestudeert.
De Grün Transfer werd ooit briljant gepersifleerd in de zombieklassieker Dawn of the Dead door regisseur George Romero. In dit essay wordt perfect beschreven hoe de zombies model staan voor de verdwaasde consumenten en de morbide drang naar consumeren, zelfs na hun dood. De ziekelijke drang naar steeds meer consumeren is eigenlijk corporatisme op microniveau: door te consumeren neemt de consument voor een groot deel de waarden en normen over van een corporatie. Door bepaalde zaken aan te schaffen probeert de consument zijn individualiteit en karakter te benadrukken, ondertussen niet in de gaten hebbend dat de keuzes die hem aangereikt worden om zijn individualiteit te benadrukken door grote bedrijven en hun marketingteams in detail zijn ontworpen en geproduceerd. Aangezien we in een maatschappij leven waar succes afgemeten wordt aan de zaken die men heeft, schijnt deze logica wonderwel te werken. Hoewel de marketing van de bedrijven niet aflatend is, lijkt vooral de groepsdruk van consumenten onderling het sterkste wapen te zijn in deze consumptiestrijd.
Het resultaat van deze continu-consumptie die zich opdringt via media, reclame maar nu dus ook via de sociale netwerken, leidt in wezen tot een permanente Grün Transfer. Mensen verkeren in een continue staat van consumptieverdwazing die vervolgens hun handelen compleet beïnvloed. De vrijheid die men denkt te benadrukken als individu door bepaalde spullen aan te schaffen of te begeren, is juist de zoveelste keten waarmee men zich vastlegt aan de propaganda van de bedrijven. Zoals in de film Fight Club werd gezegd: “the things you own end up owning you”. Dit is één van de belangrijkste redenen waarom banken en kredietverleners zo groot hebben kunnen groeien, omdat er een steeds toenemende vraag kwam naar geld om de uitgestelde consumptie tegen te gaan. Waar eerst de massa bewerkt moest worden door Bernays en de andere p.r. pioniers, kwam nu de vraag op gang vanuit de consumenten zelf, doordat ze gezwicht waren voor het decennialange marketingoffensief van de bedrijven. Peer pressure en ‘keeping up with the Joneses’ werden gevleugelde termen en je hoefde niet eens kapitaalkrachtig te zijn om mee te doen in consumptierace, zolang je maar een creditcard had. De corporaties liepen lachend binnen en voerden de consumenten als kanonnenvoer aan de kredietverleners.
Deze transformatie van burger naar consument wordt briljant beschreven in Douglas Rushkoff’s boek Life Inc. (Zapruder boekentip!). Hier legt de schrijver uit dat de kiem van deze transformatie is gelegd vanaf het moment van ontstaan van de corporaties in het Renaissancetijdperk. Het was het tijdperk dat men met het humanisme meer focuste op het individu en de verwezenlijking van het ‘zelf’ ten opzichte van de uniformiteit van de gemeenschap. Hoewel de initiële insteek ongetwijfeld ook die van humanistische zelfverwezenlijking en zelfontplooiing was en men zich (terecht) afzette tegen de almacht van de instituten als de Kerk en de heersende adel, was het wel de bodem waarin de corporaties permanent wortel konden schieten en ze de burger konden isoleren van zijn community om hem vervolgens beter te kunnen manipuleren. Eerder spraken we al over het feit dat individualisme één van de belangrijkste vereisten was om de macht van de burger te breken door hem uit de massa te halen. Een burger die de veiligheid moet missen van zijn gemeenschap – die reeds zorgvuldig ontmanteld is door allerlei corporatistische inspanningen – staat open voor een andere, kunstmatige gemeenschap; een behoefte die prompt met graagte wordt vervuld door de corporaties en hun imagomakers. Zo vertellen ze je graag dat je ‘erbij’ kunt horen door hun product te kopen en tegelijkertijd je individualiteit benadrukt. Waar ‘bij’? Wel, bij die andere groep consumenten natuurlijk die ook net als jij op dezelfde uniforme manier hun individualiteit denken te benadrukken.
Bedrijven hoeven hun consumptiepropaganda allang niet meer te verdedigen, dat doen de consumenten inmiddels zelf wel. Consumptie is goed, want daar drijft onze economie op. Het is zelfs goed als we het doen, ook al hebben we er geen geld voor. En banken die niet meer willen lenen omdat ze bang zijn hun geld niet meer terug te zien zijn slecht, want daardoor wordt er niet meer geconsumeerd. Hoewel p.r. en marketing pas zo’n 100 jaar bestaan is hun invloed ongekend. De transformatie van burgermassa naar zelfcentrerende individualistische consument heeft in een oogwenk plaatsgevonden. Nog nooit is het totalitaire regimes of dictators gelukt om onderlinge cohesie en gemeenschapszin zo snel en zonder bloedvergieten te ontmantelen. Eerst werd de burger zorgvuldig losgeweekt uit de veiligheid van zijn community en werd de macht van zijn aantal gebroken (denk aan demonstraties en vakbonden) zodat hij openstond voor de notie van veiligheid en ‘sense of community’ die de corporaties aanboden, via hun productenlijn en zorgvuldig uitgekiende marketingstrategieën. Met het internet heeft deze propaganda een volgende evolutie doorgemaakt, aangezien de consument nu 24 uur per dag bereikt kan worden en men nu met behulp van viral marketing de boodschap sneller dan ooit kan verspreiden. Overheden, die samen met de corporaties in bed liggen, nemen ook steeds meer de moraliteit en waarden over van de corporaties en vertalen deze naar beleid en bestuursvisie op lange termijn.
De corporatie is overal en iedereen is een kleine franchise geworden van Global Corporation Inc.
En het internet biedt je ook een platform om je op een bewuste manier te informeren welke produkten je het meest nut en duurzaamheid bieden.
Het internet, brought to you by, KPN (kabelaansluiting, provider), Microsoft (browser), Microsoft (besturingssysteem), Google (zoekmachine), whoever(tm) (voor de webpagina of de server) etcetcetc.....
Samenvattend, bij elke uitgave / aanschaf denk ik: "Wat voegt dit (structureel) toe aan mijn leven?" en vooral: "In welke mate wordt mijn (keuze)vrijheid beperkt?".
U als lezer raadt het al: zo min mogelijk materieel bezit en zo ja van top-kwaliteit (compromisloos het beste wat er te koop is, zoals hand gemaakte schoenen die rustig 10 a 12 jaar meegaan) en vanzelfsprekend duurzaam geteelde biologische etenswaren i.p.v. plofkippen van de KiloKnaller
De menselijke leegte van de ziel MOET worden gevuld, maar evenals een hamburger van MCDonalds (wanneer gaan jullie je daar nog een keer in verdiepen) geeft het geen bevrediging die duurt, alleen maar trek naar meer.
Nu ik dit principe zelf heb ervaren, valt er meeer en meer op zijn plaats, d.w.z. ik ga de juiste vragen stellen, dus een site als Zapruder heet wel degelijk een voortrekkersrol in de bewustwording van de huidige clusterfuck systemen.