Geen twijfel mogelijk: Iran wil de bom en doet er alles aan om hem te krijgen. En zodra Teheran in bezit is van een atoombom zal zij Israël aanvallen. Immers, president Ahmadinejad heeft zelf gezegd dat hij Israël van de kaart wil vegen. De Iranese nucleaire crisis in het kort. Een probleem met deze stelling: er is nooit aangetoond dat Iran een wapensprogramma heeft. Het land werkt mee aan UN-inspecties, heeft het non-proliferatie verdrag ondertekend en Iran heeft domweg te weinig centrifuges om überhaupt een bom te kunnen brouwen. Toch wordt het land onderworpen aan sancties en staat het onder druk haar uraniumverrijking op te schorten
De geschiedenis van het nucleaire Iran begint al in de jaren vijftig, als onder de Sjah en met medewerking van de Verenigde Staten en Europa nucleaire onderzoekscentra worden geopend. De Iraanse Sjah voorzag een toekomst waarin olie niet meer overvloedig voorradig zou zijn en merkte op dat atoom-energie het ei van Columbus zou kunnen worden. De revolutie van 1979 gooit roet in het eten: het westen schort medewerking aan de ontwikkeling van een Iraans atoomprogramma op maar Iran vindt nieuwe partners in Rusland en China.
De onrust over wat Iran van plan is met haar nucleaire reactoren begint in 2002 als een aantal Iraanse dissidenten claimen dat Iran nucleaire “sites” verborgen houdt. Een uranium-verrijkings fabriek in Natanz en een zwaar-water fabriek in Arak. Al vaker kwamen dissidenten met dergelijke claims, maar ditmaal wordt de atoomwaakhond van de Verenigde Naties, de IAEA, op pad gestuurd om controles uit te voeren. De IAEA komt tot de conclusie dat Iran inderdaad over een aantal zaken geen openheid heeft gegeven, maar vooralsnog niets heeft gedaan dat in strijd is met het non-proliferatie verdrag.
In februari 2003 kondigt oud-president Khatanami aan een programma te starten voor de volledige verrijking van uranium, van het gedolven grondstof uranium tot nucleaire brandstof. Tot dat moment was Iran nog steeds afhankelijk van haar partners Rusland en China voor levering van brandstof. Een eigen “enrichment cycle” zou betekenen dat Iran ongelimiteerd, en in theorie ongecontroleerd, hoeveelheden verrijkt uranium zou kunnen gaan produceren. De Verenigde Staten en Europa staan op hun kop: Iran wil een atoombom maken.
Onduidelijkheden over het programma worden eind 2003 tussen de IAEA en Iran opgehelderd. Inderdaad heeft Iran gelogen over wanneer precies haar centrifuge-programma is opgestart. Al in de jaren tachtig blijkt Iran bouwtekeningen te hebben gekregen voor dergelijke apparaten. Ook beklaagt de IAEA zich over modificaties van Iran aan bepaalde “sites” die na lang aandringen konden worden geïnspecteerd. Iran verontschuldigd zich en beloofd beterschap en betere coöperatie.
Onder druk van de EU-3 werkgroep (Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland) besluit Iran haar verrijkingsprogramma in november 2004 op te schorten. De IAEA komt tegen die tijd met een rapport waarin wordt aangegeven op welke vlakken Iran te kort schiet binnen het non-proliferatie verdrag, maar concludeert dat Iran geen geheim wapenprogramma heeft. De EU-werkgroep onderhandelt verder met Iran, maar resultaten blijven uit. Er ontstaat een kat-en-muisspel tussen de EU en Iran wat in 2005 resulteert in het wederom opstarten van het verrijkingsprogramma door Iran. Nu wordt het land voor de veiligheidsraad van de Verenigde Naties gesleept. Stop met het programma of anders sancties.
Zoals bekend blijft Iran weigeren en in 2006 kondigt president Ahmadinejad aan dat het Iran voor het eerst gelukt is zelf uranium te verrijken. Tot 3.5%. Genoeg voor brandstof in een kerncentrale maar voor een atoombom zal het opgewerkt moeten worden tot 90%. Een proces dat vele duizenden centrifuges zal vergen. Een capaciteit dat Iran bij lange na niet heeft en wat vele jaren in beslag zal nemen om op te bouwen.
Cooked intelligence revisited
Hoewel de Amerikanen de Europeanen het voortouw laten nemen in de onderhandelingen over Iran’s nuke programma, zitten zij niet stil. Vice president Cheney laat een werkgroep vormen die de dreiging van Iran moet inschatten en stuurt de CIA erop uit om te onderzoeken waar Iran clandestien mee bezig is. De resultaten van de CIA bevallen allerminst: net als de IAEA komt de CIA tot de conclusie dat Iran geen geheim wapenprogramma heeft en dat het zeker nog tien jaar zal duren voordat het land genoeg uranium heeft voor een bom. Als tegenzet komt het senaat met een National Intelligence Estimate: Recognizing Iran as a Strategic Threat: An Intelligence Challenge for the United States, waarin wordt geconcludeerd dat Iran de primaire bedreiging voor Amerikaanse belangen vormt. De auteurs van het stuk waren eerder verantwoordelijk voor het Hans Christian Andersen epistel Iraq’s Continuing Program for Weapons of Mass Destruction, de basis voor de invasie van Irak. De IAEA noemt het rapport foutief.
Gepikeerd door de conclusies van de CIA beklagen senatoren en Cheney zich dat het bureau schijnbaar niet in staat is een correcte inschatting van de Iraanse dreiging te maken en diskwalificeren de CIA inzake Iran. John Negroponte, het hoofd van National Intelligence wordt overgeplaatst naar buitenlandse zaken en vervangen door admiraal John McConnel, een militair eerder directeur van de NSA (National Security Agency).
Het instellen van sancties tegen Iran worden tot op dat moment nog steeds in de veiligheidsraad geblokkeerd door Rusland en China. Maar de taal vanuit de Verenigde Staten richting het Islamitsche land wordt dreigender. De US stuurt extra vliegdekschepen naar de Perzische Golf en benadrukt keer op keer de dreiging van Iran voor de stabiliteit in de Golf. Ook Israël mengt zich nu in de strijd en dreigt met militaire actie als Iran blijft doorgaan met haar atoomprogramma. Eind 2006 wordt Iran wederom door de veiligheidsraad opgeroepen te stoppen met het verrijken van uranium. Zo niet, dan zullen economische sancties worden genomen. Echter, de oproep tot stoppen is niet juridisch bindend en zijn op basis van vrijwilligheid. Domweg omdat alles wat Iran doet in overeenstemming met de IAEA en het non-proliferatie verdrag is.
Resolutie 1737 is een papieren tijger. Maar wordt door de Verenigde Staten gezien als doorslaggevend en een stok om Iran economisch onder druk te zetten. Al voor de gestelde termijn waarin Iran kan reageren op de oproep, sturen de VS aan op nog strengere sancties. En de military-option, blijft op de tafel.
De ontstane situatie begint daarmee sterke gelijkenis te vertonen met Irak 2002/2003. Geen bewijs voor het ontwikkelen van massavernietigingswapens, inlichtingenrapporten die gewenste resultaten opleveren, het demoniseren van het land en het overdrijven van de dreiging. Kortzichtige argumenten als de vraag wat een olierijk land met atoomenergie moet, worden telkens naar voren gebracht terwijl algemeen bekend is dat Iran kampt met een tekort aan raffinage capaciteit en al heeft “gepiekt” in haar olieproductie. Een even hardnekkige mythe als de “Israël van de kaart vegen” uitspraken van president Ahmadinejad, die al tijden “gedebunkt” zijn maar halsstarrig gebruikt blijven worden om het Islamo-fascistische karakter van Iran aan te tonen.
Daarnaast wordt er overduidelijk met twee maten gemeten. Noord Korea, dat zelfs een atoomproef heeft gehouden, krijgt wel sancties opgelegd maar wordt niet direct militair bedreigd. Sterker, het Stalinistische land mag haar ontwikkelde bommen houden. Pakistan en Israël hebben alletwee niet het non-proliferatieverdrag getekend, maar wel de bom. Beide landen kunnen hun nucleaire capaciteit zonder toezicht door de IAEA uitbouwen. Internationale kritiek blijft uit. Sterker, ze worden zelfs geholpen.
Onder druk van de dreigende confrontatie met de Verenigde Staten en Israël begint de Iraanse politiek te twijfelen aan de eigen hardvochtige opstelling ten aanzien van het atoomprogramma. Of dit het tij kan keren is twijfelachtig. De US en Israël lijken “hell bend” op een confrontatie uit te zijn. Of dit nu gebaseerd is op feiten over Iran’s atoomprogramma of niet.
Overzicht nucleaire installaties in Iran:
■ Arak: een van de “sites” aan het licht gebracht door Iraanse dissidenten. Viel echter binnen de regels van het non-proliferatie verdrag omdat de reactor niet was afgebouwd. Sindsdien valt het onder de inspecties van de IAEA. In Arak wordt zwaar water opgewekt.
■ Bushehr: Kernreactor. Zal waarschijnlijk in 2007 functioneel worden en wordt samen met de Russen gebouwd. Mohammad El-Baradei, de directeur van de IAEA, heeft aangegeven dat deze reactor geen basis hoeft te zijn voor zorgen.
■ Chalus: ook een plek aangewezen door dissidenten voor geheime atoomprogramma’s. De IAEA heeft hier nooit iets gevonden.
■ Isfahan: onderzoekscentrum met kleine reactoren geleverd door China. Hier wordt “yellowcake uranium” omzet naar uranium hexafluoride. Staat onder toezicht.
■ Lashkar Abad: testfabriek voor splitsing van isotopen met lazertechnieken. Is volgens de Iraniërs gesloten. Dissidenten beweren dat Iran de fabriek weer heeft opgestart.
■ Lavizan: Technisch onderzoekscentrum, gesloopt in 2003/2004. Van deze site wordt aangenomen dat Iran met bewijsmateriaal heeft vervalst. Andere bronnen binnen de IAEA geven aan dat niets vreemds aan de hand is.
■ Natanz: Verrijkingsfabriek. Werd aangewezen door dissidenten en onderworpen aan inspecties. De IAEA troffen 160 centrifuges aan met nog zeker 1000 in aanbouw. Onder het non-proliferatie was Iran nog niet verplicht deze fabriek aan te melden. Deze fabriek wekt de meeste zorgen. De fabriek is ondergronds gebouwd met verstevigd met 2.5 meter dik beton.
■ Tehran: De Tehran Nuclear Research Center heeft een 5 megawat onderzoeksreactor, ironisch genoeg door de Verenigde Staten geleverd. De reactor is in staat plutonium op te wekken. De capaciteit is echter dermate laag dat het 17 jaar zou duren genoeg materiaal te produceren voor een bom.
De hersengarage van Zapruder Inc.
George W. & Co. veroordeeld
De massavernietigingsonderbroek
Hoe Italië, Griekenland en België de Euro binnen werden gerommeld
Euro-crisis update: the song remains the same