De mensheid kon pas opbloeien na het einde van de laatste ijstijd, 12.000 jaar geleden.
Het duurde nog tot de 17e eeuw voordat we slim genoeg waren om een thermometer uit te vinden. In de Kleine IJstijd, de 17e en 18e eeuw, werden er nog geen meetreeksen vastgelegd en gemiddelden uitgerekend. Daarmee begon men pas op kleine schaal aan het eind van de 19e eeuw. Klimaatgegevens worden pas sytematisch vastgelegd sinds het eind van de Tweede Wereldoorlog. Hierdoor is het idee ontstaan dat de temperaturen, die in de jaren 50 en 60 gemeten werden, de “normale” temperaturen zijn. Heel begrijpelijk, maar ook heel subjectief.
Klimatologen kunnen ook stellen dat de huidige temperaturen (0,5 - 1 graad warmer) de normale temperaturen zijn en dat de lage temperatuur uit de 20-ste eeuw nog het gevolg is van de Kleine IJstijd. Dissidente klimatologen kunnen het idee lanceren dat de normale evenwichtssituatie voor de Aarde een ijstijd is. Het huidige interglaciaal is dan slechts een statistische uitschieter van korte duur. Het klimaat is dan al 12.000 jaar van slag. De zeespiegelstijging van de laatste 10.000 jaar was rampzalig en de opwarming heeft geleid tot enorme veranderingen in flora en fauna.
Dat horen we echter nooit, men aanvaardt algemeen dat de temperatuur tussen 1940 en 1970 normaal is. Het was het ideale klimaat. Het is nu te warm en het wordt nog warmer als we zo doorgaan.
Daar wil ik ook nog wel eens een boom over opzetten.
De koudste winters van de 20-ste eeuw vielen tussen 1940 en 1970. Is een klimaat waarin winters zoals die van 1947, 1956 en 1963 voor komen ideaal ? Voor Nederland in elk geval niet.
In de Elfstedenwinters lag het openbare leven wekenlang stil door sneeuwval en strenge vorst. In die tijd waren er minder dan 1 miljoen auto’s en de meesten mensen gingen lopend of te fiets naar hun werk. Nu zijn er 7 miljoen auto’s en willen miljoenen Nederlanders elke dag metde auto naar hun werk. Het Nederlandse aardgas zal nog sneller opraken door een paar van die Elfstedenwinters. De schade aan de infrastructuur zal miljarden bedragen.
In de zomermaanden waren hittegolven zeldzaam. In de landbouw vielen de oogsten nog wel eens tegen. Bij de huidige hogere temperaturen duurt het groeiseizoen langer en zijn de opbrengsten in de landbouw hoger.
In 1970 kon de wereldwijde landbouw 3 miljard monden voeden. In het huidige klimaat moeten er 7 miljard monden worden gevoed. Een wereldwijde afkoeling naar de “normale” temperaturen zal tot lagere landbouwopbrengsten leiden en toch streven de VN en regeringen wereldwijd naar zo’n afkoeling. We horen politici en wetenschappers nooit over de nadelen van een wereldwijde afkoeling. Daar is vast een reden voor.
De nadelen van de opwarming worden breed uitgemeten en het schijnt allemaal veroorzaakt te worden door het verbranden van fossiele brandstoffen. Van links tot rechts willen politici dat we minder fossiele brandstoffen gaan verbranden, dat is het eigenlijke doel van alle ophef over het klimaat. Er is kennelijk iets mis met het tempo waarin we de fossiele brandstoffen opmaken. Zou het soms kunnen zijn dat er in de toekomst minder olie en gas beschikbaar zullen zijn ? De beste manier om de overstap naar alternatieve energiebronnen aantrekkelijk te maken is de fossiele brandstoffen tot aartsvijand te verklaren. Greenpeace en het Wereld Natuur Fonds hebben zich voor dit karretje laten spannen. IJsberen, koraalriffen, het regenwoud, het zal allemaal verdwijnen omdat wij zoveel fossiele brandstoffen gebruiken. We moeten minderen en duurzame energiebronnen gaan gebruiken voordat de ijskappen gaan smelten.
Dat is toevallig ook de boodschap van de Peak-Oil-beweging: We gebruiken teveel fossiele brandstoffen; we moeten minderen en duurzame energiebronnen gaan gebruiken.
Het klimaat tussen 1940 en 1970 wordt geromantiseerd: Elfstedentochten, een Witte Kerst, ijsberen en groeiende gletsjers. Maar eigenlijk zijn we nu beter af met zachte winters en lange warme zomeravonden.
De hersengarage van Zapruder Inc.
Het ESM-paard staat binnen
George W. & Co. veroordeeld
De massavernietigingsonderbroek
Hoe Italië, Griekenland en België de Euro binnen werden gerommeld