Paniek op de beurs. Met grote stappen ging de AEX de afgelopen dagen omlaag de diepte in. De schokgolven die we hebben ervaren met de opkomst van de kredietcrisis zijn duidelijk te zien in het koersverloop.
Meer en meer komt ook in de mainstream media berichtgeving die, zacht gezegd, een negatief beeld schetst van de toestand van de (financiële) economie en de toekomst. De woorden ‘depressie’, 1929 en deflatie komen geregeld langs.
Omdat deze termen erg onduidelijk kunnen zijn voor leken, lijkt mij een korte en sterk versimpelde intro in dit onderwerp een goede tijdsbesteding, zo net voordat de grote klappen zouden vallen volgens meer en meer analisten. Wat is deflatie en waarom is het zo gevaarlijk voor ons financiële systeem?
Hint: ik raad sterk aan de film Money as Debt (47 min, NL ondertiteling) te kijken voordat je verder leest. Er is echt geen betere en eenvoudigere docu beschikbaar over dit onderwerp.
Allereerst moeten we van hetzelfde uitgaan wat betreft de termen inflatie (geldontwaarding) en deflatie (geld wordt meer waard). Geregeld gaan ‘experts’ uit van een stijging van prijzen (of daling) om inflatie en deflatie te duiden. In dit stuk ga ik uit van een betere en veel exactere definitie:
*inflatie = een vergroting van de totale hoeveelheid geld waardoor, uiteindelijk, prijzen van goederen stijgen (prijsstijging is dan een gevolg van inflatie, niet de oorzaak).
*deflatie = een verkleining van de totale hoeveelheid geld waardoor, uiteindelijk, prijzen van goederen dalen (prijsdaling is dan een gevolg van deflatie, niet de oorzaak).
Een paar simpele plaatjes kunnen duidelijkheid scheppen. Daarbij merk ik op dat het gaat om een sterk versimpele weergave van het mechanisme.
De uitgangspositie is een economie, afgebeeld als een rode cirkel die alle facetten omvat (alle goederen en diensten etc.). Deze economie wordt onderling verhandeld (de transacties die plaatsvinden middels een bepaalde hoeveelheid geld). Dit is de groene cirkel, die de geldhoeveelheid in de economie voorstelt.
De groene en de rode cirkel verkeren in een bepaald evenwicht. In dit geval begin ik met het startpunt 10 versus 10. Het had net zo goed 10:20 kunnen zijn of 100:2000. Het gaat niet om de aantallen, maar de wijze waarop die aantallen ten opzichte van elkaar verschuiven. De verhouding is niet van belang, wel hoe de verhouding ten opzichte van elkaar wijzigt.
In onze term van inflatie hebben we het over vergroten van de geldhoeveeheid. De groene cirkel groeit aan tot 20. De economie groeit geen spat van het bijmaken van geld. Er worden immers niet meer goederen gemaakt of diensten verleend enkel omdat er geld bij wordt gemaakt.
Dit vormt uiteindelijk inflatie. Waar eerst 10 geld tegenover 10 economie stond, staat nu 20 geld tegenover 10 economie. Er is dus 2 maal zoveel geld om alle transacties in dezelfde economie te laten plaatsvinden. De facto heb je dus 2x zoveel geld nodig als daarvoor om precies hetzelfde te doen als voorheen. Waar je eerst met 1 op je spaarrekening 1/10e van de economie kon verhandelen, kan je nu maar 1/20e van de economie verhandelen met je spaargeld van 1. Je geld is ’minder waard‘ geworden. Dit noemen we inflatie.
In onze term van deflatie hebben we het over verkleinen van de geldhoeveeheid. De groene cirkel krimpt tot 5. De economie groeit geen spat van het weghalen van geld. Er worden immers niet meer goederen gemaakt of diensten verleend enkel omdat er geld weg wordt gehaald/vernietigd.
Dit vormt uiteindelijk deflatie. Waar eerst 10 geld tegenover 10 economie stond, staat nu 5 geld tegenover 10 economie. Er is dus 2 maal zo weinig geld om alle transacties in dezelfde economie te laten plaatsvinden. De facto heb je dus 2x zo weinig geld nodig als daarvoor om precies hetzelfde te doen als voorheen. Waar je eerst met 1 op je spaarrekening 1/10e van de economie kon verhandelen, kan je nu 1/5e van de economie verhandelen met je spaargeld van 1. Je geld is ’meer waard‘ geworden. Dit noemen we deflatie.
Wat is nu het gevaar van onze huidige toestand?
De film Money as Debt beschrijft beter dan welke docu dan ook dat ons huidige geld niet als een losstaand goed in de economie wordt gebracht. Het zijn geen briefjes van 50 euro die als zodanig gebruikt worden om onze dagelijkse economische transacties af te handelen (misschien slechts een klein gedeelte daarvan). Een flink deel van ons geld bestaat als een ’schuld‘. Daar komt de term ’debt-based-money‘ vandaan.
De truuk van dit ’schuldgeld‘ vormt, onder meer, dat het geld in de economie komt doordat iemand het leent van een bank. Eerst was het geld er niet, na de handtekening onder het leningcontract maakt de bank het geld bij ’uit het niets‘. Zo zijn we langzamerhand van een situatie van geld 10 naar geld 20 gegroeid. Om het simpel te houden ga ik in de uitleg uit van de situatie dat de economie 10 is gebleven. De vergroting van de geldhoeveelheid heeft uiteindelijk tot gevolg dat de prijzen stijgen. Immers, er zijn meer geldbriefjes en banktegoeden om dezelfde goederen en diensten in de economie te verhandelen. Inflatie dus, het geld is minder waard geworden.
Al dit schuldgeld is geleend tegen rente. De pest aan deze vorm van geld in de economie brengen vormt het feit dat het geld dat is geleend ’uit het niets‘ is gemaakt. Alleen de belofte van degene die de lening aangaat staat daar tegenover. De rente die over deze lening moet worden betaald gedurende de looptijd van de lening is echter nog niet bijgemaakt. Met andere woorden: deze lening kan nooit terugbetaald worden met rente, tenzij...... ook de rente weer wordt bijgeleend door iemand ergens in het systeem. Daarmee stijgt de geldhoeveeheid weer, en komt er weer een niet betaalde rente in het spel. Ook deze moet weer bijgeleend worden om ooit te kunnen worden betaald.
Je snapt het al, het wordt een systeem waarbij iedereen alleen nog maar zijn schulden kan betalen als men blijft lenen. Het resultaat is steeds meer schulden om te voorkomen dat de leningen niet meer terugbetaald kunnen worden, en steeds meer geld om dezelfde 10 economie te verhandelen.
Situatie 10:10 is situatie 20:10 geworden. Inflatie (met als gevolg prijsstijgingen) is het gevolg. Zie Money as Debt voor een veel uitgebreidere uitleg van dit probleem met ons huidige geldsysteem. Daarover wellicht een andere keer meer.
We komen nu tot de kernvraag van deze bijdrage: wat is nu het gevaar van de kredietcrisis?
We zijn helemaal gewend aan het feit dat door het boven beschreven systeem de prijzen langzaam stijgen. Als huizenprijzen stijgen, noemen we dat welvaart. Als prijzen van voedsel of olie stijgen, noemen we dat inflatie. Feit is dat we ons er bij neergelegd lijken te hebben dat inflatie, vergroting van de geldhoeveelheid zonder dat de economie daardoor groeit, immer aanwezig is in onze economie. Omdat de groei van de geldhoeveelheid niet zo hard ging, hadden we daar ook niet echt veel last van.
De laatste jaren is het echter rap de pan uitgerezen met de groei van de geldhoeveelheid. Er is steeds meer en meer geld nodig om het spel, beschreven in Money as Debt, gaande te houden. Meer en meer leningen zijn nodig om de eerder geleende bedragen inclusief rente terug te kunnen betalen. De groei van de totale geldhoeveelheid in de EU sinds 2005 is bijvoorbeeld 30%!. Daar zit een einde aan (oneindigde schuld bestaat nou eenmaal niet).
Aan de wereldwijde groeicijfers van de geldhoeveelheid is goed te zien dat de groei exponentiele vormen aanneemt en dicht tegen het praktisch mogelijke begint te lopen. Zoals gezegd, oneindige schuld bestaat domweg niet, het houdt een keer op.
We constateerden al eerder dat vergroting of verkleining van de geldhoeveelheid gevolgen kan hebben voor prijzen. De afgelopen 30 jaar zijn we onder een flinke vergroting van de geldhoeveelheid:
*gewend geraakt aan oplopende prijzen voor bv huizen, aandelen, bezittingen in het algemeen; en
*meer en meer gaan lenen om eerder aangegane schulden met de daarbij behorende rente terug te kunnen betalen.
De daarmee gepaard gaande prijsstijgingen zijn langzaam door ons verwerkt. We zijn er helemaal aan gewend en er vaak zelfs afhankelijk van. Veel mensen rekenen er op dat hun huis meer waard wordt (correct gezegd: dat geld minder waard wordt), zodat ze bij verkoop de bank terug kunnen betalen en nog wat winst overhouden.
De kredietcrisis brengt echter de inflatiemachine gevaarlijk dicht tot een totale stilstand. Een heleboel leningen, schuldgeld, gaan niet meer terugbetaald worden, simpelweg omdat de leningnemers het niet meer terug kunnen betalen. Banken zijn niet meer bereid om makkelijk geld uit te lenen of kunnen (mogen) dit niet omdat ze zoveel verliezen lijden. Aan de andere kant zijn leningnemers domweg niet meer in staat om geld te lenen omdat ze al zoveel geld geleend hebben. De inflatiemachine komt daarmee stil te staan.
Het vooruitzicht van de inflatiemachine die stil komt te staan vormt een dodelijke infectie van ons inferieure financiële systeem. Als schulden massaal niet meer terug kunnen worden betaald, gaat de leningnemer uiteindelijk failliet. De lening is oninbaar en moet worden afgeschreven. De lening verdwijnt, het is een verlies geworden. Gevolg daarvan is dat dit stukje schuldgeld, een belofte, verdwijnt. Alle leningen die op die manier afgeschreven worden, verdwijnen dus als ‘schuldgeld’. Op die manier kan in een hele korte tijd, economisch gezien, de geldhoeveelheid echt imploderen en bij wijze van spreken van 20:10 naar 10:10 zakken, wellicht zelfs naar 5:10.
De consequentie van zo’n implosie, een sterke daling van de geldhoeveelheid, is volgens het boekje dalende prijzen. De prijzen voor bezittingen zullen rap dalen, waaronder aandelen, huizen e.d.
Iedereen heeft zich echter ingesteld op de aanwezigheid van inflatie. Schulden zijn ook aangegaan met die gedachte. Er zou altijd een mogelijkheid zijn om met een nieuwe lening de oude lening terug te betalen of het ’in waarde gestegen‘ onderpand te verkopen. Deze schulden worden niet lager qua bedrag als de geldhoeveelheid rap zou dalen. Er is minder geld in omloop terwijl wel dezelfde schulden terug moeten worden betaald (met rente). Dat is een recept voor nog meer faillissementen, met als gevolg nog meer verdwijnen van schuldgeld.
Kortom, onze geldhoeveelheid is geen stabiel gegeven. Het zijn geen goudstukken die rouleren en aan weinig scherpe schommelingen in hoeveelheid onderhevig zijn. In tegenstelling, we hebben een uiterst fragiel systeem van totale geldhoeveelheid. Een sterke daling daarvan kan nog meer niet terugbetaalde leningen tot gevolg hebben, wat daarmee de daling van de geldhoeveelheid alleen maar erger maakt. Dit is precies wat er tijdens de Grote Depressie vanaf 1929 gebeurde. Het resultaat is bekend: faillissementen, armoede, ellende, droevenis.
De opvolgende fasen van de kredietcrisis kunnen de eerste dominostenen zijn in een langere en grotere rits van vallende dominostenen. Allemaal leningen, schuldgeld, die verdwijnen, daarmee de geldhoeveelheid in rap tempo verkleinend. Deflatie zou het gevolg zijn, en bij grote bewegingen depressie (forse teruggang economie) in plaats van recessie (milde teruggang economie). Steeds meer domino’s vallen nu in de States, en het komt ook onze kant op (nu reeds de inzakkende huizenmarkten van Spanje en de UK).
Onze Centrale Bankiers zijn als de dood voor deze opdoemende deflatie. En terecht, want na vele decennia schuldgeld-oppompen kan de correctie met bijbehorende prijscorrecties fors en genadeloos snel zijn. Hadden ze maar beter op moeten letten tijdens economieles.
De lening is oninbaar en moet worden afgeschreven. De lening verdwijnt, het is een verlies geworden.
Victor | 01-07-2008 17:00
40042 Ok, ik snap het verhaal, maar wat is nu dan het advies?
Een flink deel van ons geld bestaat als een ’schuld‘. Daar komt de term ’debt-based-money‘ vandaan.
Met andere woorden: deze lening kan nooit terugbetaald worden met rente, tenzij...... ook de rente weer wordt bijgeleend door iemand ergens in het systeem. Daarmee stijgt de geldhoeveeheid weer, en komt er weer een niet betaalde rente in het spel. Ook deze moet weer bijgeleend worden om ooit te kunnen worden betaald.
Als schulden massaal niet meer terug kunnen worden betaald, gaat de leningnemer uiteindelijk failliet. [...] Alle leningen die op die manier afgeschreven worden, verdwijnen dus als ‘schuldgeld’. Op die manier kan in een hele korte tijd, economisch gezien, de geldhoeveelheid echt imploderen en bij wijze van spreken van 20:10 naar 10:10 zakken, wellicht zelfs naar 5:10.
Onze Centrale Bankiers zijn als de dood voor deze opdoemende deflatie.
Als schulden massaal niet meer terug kunnen worden betaald, gaat de leningnemer uiteindelijk failliet.
Dit klopt niet, want iemand kan voor de bank werken waar hij het geld geleend heeft
....Onze Centrale Bankiers zijn als de dood voor deze opdoemende deflatie...Ik heb er geen verstand van maar is het niet de stagflatie waar men erg bang voor is? Dalende prijzen zonder dat de consument iets koopt?
@MB:Dit klopt niet, want iemand kan voor de bank werken waar hij het geld geleend heeft
Ja, uw punt?...
De FED is bovendien fundamenteel anders dan de ECB, omdat de eerste bestaat uit private banken.
Wat je over het hoofd ziet is dat Nationaal inkomen / geldhoeveelheid = circulatiesnelheid. Het is het inkomen dat bepalend is voor wat afbetaald kan worden
Als iemand failliet gaat, worden worden zijn bezittingen (of een deel daarvan) eigendom van de banken. Dit kan je ook zien als een transactie; de bank koopt ahw de boedel van de gefailleerde. Hierdoor neemt de hoeveelheid geld niet af; het geld dat gecreeerd is voor de lening bestaat nog steeds.
Overheden zijn er goed in om geld uit te geven, dus deflatie zie ik zo snel niet gebeuren.
De FED is bovendien fundamenteel anders dan de ECB, omdat de eerste bestaat uit private banken
Als ik geld leen van een bank en het komt 'uit het niets', was er eerst 0 en daarna (bijvoorbeeld) 100. Er is dan 100 extra geld bijgekomen doordat ik een belofte aan de bank heb gedaan. Als ik deze 100 weer terugbetaal aan de bank, is er weer 'niets'. Van 100 zijn we dan weer naar 0 gegaan.
@Democraatus: Ik meet mij geen mening aan over wat iemand concreet kan afbetalen of niet. Dat lijkt mij ook niet relevant voor de strekking van het artikel.
Als ik geld leen van een bank en het komt 'uit het niets', was er eerst 0 en daarna (bijvoorbeeld) 100. Er is dan 100 extra geld bijgekomen doordat ik een belofte aan de bank heb gedaan. Als ik deze 100 weer terugbetaal aan de bank, is er weer 'niets'. Van 100 zijn we dan weer naar 0 gegaan.
De overheid heeft echter geen invloed op de private sector en leningen die op enig moment niet terugbetaald zouden kunnen worden.
@Rik: Het eigenlijke geld van deze bank is maar 1 miljoen, hoe kan nu deze bank failliet gaan als de overige 9 miljoen niet meer worden betaald, dit geld hebben zij nooit in hun bezit gehad en over geld wat je niet bezit kun je toch ook niet failliet gaan?
Wat je over het hoofd ziet is dat Nationaal inkomen / geldhoeveelheid = circulatiesnelheid. Het is het inkomen dat bepalend is voor wat afbetaald kan worden
@Der Führer: Individuele schulden kunnen afbetaald worden, maar niet de totale schuld omdat de rente die je moet betalen itt de lening niet gecreëerd wordt. Deze moet uit de al voorhanden zijnde geldcirculatie komen.
@kumbakara: De geldhoeveelheid neemt alleen maar toe in een fiat currency systeem (geen rem door het loslaten van de goud standaard). Fractional reserve banking is een apart onderwerp maar de combinatie blaast zo nu en dan een bubbel.
Als ik geld leen van een bank en het komt 'uit het niets', was er eerst 0 en daarna (bijvoorbeeld) 100. Er is dan 100 extra geld bijgekomen doordat ik een belofte aan de bank heb gedaan. Als ik deze 100 weer terugbetaal aan de bank, is er weer 'niets'. Van 100 zijn we dan weer naar 0 gegaan.
Als ie alleen maar geconsumeerd heeft klopt de redenering wel, maar als ie duurzame goederen heeft gekocht of een bedrijf, dan klopt het niet, want na aflossing van de lening, kan hij die investering alsnog te gelde maken
Voorbeeld Argentinië: het financiële systeem klapte in elkaar. Als je zo dom was je geld op de bank te hebben staan, was je de lul. Maar als je je geld in onroerend goed had belegd was je nog steeds eigenaar van je onroerend goed, dat je gewoon kon blijven verhuren. Dus geen inkomsten verlies.
@Democraatus: Als ik deze 100 weer terugbetaal aan de bank, is er weer 'niets'. Van 100 zijn we dan weer naar 0 gegaan.
Als iemand daar een geldig tegenargument voor heeft, dan gaat deze persoon van een ander systeem uit dan ik.
Na de terugbetaling is de bank 100 rijker.
Als er bij de bank niets is veranderd, dan is de 100 die terugkeert slechts een waarde die de bank weer kan proberen aan iemand anders uit te lenen tegen rente.
@Jeroen: Sorry Democraatus, je hebt het gewoon mis. Na de terugbetaling is de bank 100 rijker.
Het is niet zo dat als een bank 100 bezit, hij dan 900 uit kan lenen.
Marcus | 03-07-2008 16:45
Het is niet zo dat als een bank 100 bezit, hij dan 900 uit kan lenen.
Money as Debt praat poep?
@Paul2: Dat was nou net wat Money as Debt zo leerzaam/leuk maakte ,die 9:1 ratio .Feitelijk is het zo dat m.i. de belangrijkste pijler onder MaD wordt weggeslagen als uitlenen gaat zoals Jeroen zegt.
@Marcus: Uitlenen zoals jeroen zegt verklaart alleen het uitlenen van geld dat reeds in circulatie is maar de geldhoeveelheid groeit.
@Marcus: in wiens zak verdwijnt de rente over het nieuw gecreeerde uitgeleende geld? En, natuurlijk: als een lening afgelost wordt, mag het in eerste instantie uit dunne lucht gecreeerde geld op de balans bijgeschreven worden van de gelegaliseerde oplichters bende in kwestie?
Een bank kan 100 euro van de centrale bank vermeerderen tot 900 euro volgens money as debt. Van spaarders kan de bank 100 euro slechts 90 euro uitlenen.
De hersengarage van Zapruder Inc.
Het ESM-paard staat binnen
George W. & Co. veroordeeld
De massavernietigingsonderbroek
Hoe Italië, Griekenland en België de Euro binnen werden gerommeld